HOE WORDT HET SPEL GESPEELD:
1
Het spel kan gespeeld worden vanaf 1 tegen 1 t/m teams van 4
tegen
4
.
2
Het spel begint met een volleytrap van achter de eigen achterlijn.
3
De beginschop moet direct over het net in het speelveld van de
tegenpartij geplaatst
worden.
4 Alleen de partij die
de service (beginschop) speelt kan tijdens het spel
punten
scoren.
5
Per servicebeurt kunnen 1 of 2 punten worden gescoord,
door
respectievelijk met de voet of met
het hoofd te scoren.
6 beginschop/service gaat over naar de tegenpartij ,wanneer de
partij die de
service
-
de
bal in het net speelt.
-
de
bal buiten de lijnen van het vak van de tegenpartij wordt gespeeld.
-
teveel
balcontacten heeft.
-
de
bal opzettelijk met de hand/arm speelt.
7 de partij die aan service is kan punten scoren als:
-
als
de bal de grond raakt binnen het speelvak van de tegenpartij
-
als
de tegenpartij teveel balcontacten heeft.
-
als
de tegenpartij de bal speelt op de grond buiten de speelvakken.
-
tegenpartij
de bal opzettelijk met de hand/arm speelt.
8 De ontvangende partij kan het recht van de beginschop terughalen
door:
-
dat de bal de grond raakt in het speelveld van de
tegenpartij.
-
dat de tegenpartij de bal buiten de lijnen van het
speelveld speelt
-
een fouten balbehandeling van de tegenpartij (zie
behalen van een score).
9 Een set is gewonnen wanneer 10
punten gehaald zijn, waarbij het
verschil
in score minimaal 2
punten moet bedragen. 2
punten is bereikt.
10
De wedstrijd eindigt bij 2 gewonnen sets. Na iedere gespeelde set wordt
van speelveld gewisseld
.